Je Energieopslag

In het vorige blog heb ik geschreven over het belang van wat we eten en als laatste zin hoe belangrijk het is wanneer we eten.

De vorige blog lees je hier.

Honger en verzadiging bepalen je maaltijdgrootte en maaltijdfrequentie.

Je maaltijdgrootte wordt bepaald door het hormoon insuline.

Maaltijdfrequentie door het hormoon leptine.

We zouden eigenlijk niet te zwaar mogen zijn en we zouden niet moeten omgaan met de klachten zoals we die hebben. Het is een geleidelijke weg geweest waarbij we inmiddels de norm hebben verschoven waardoor dit de norm is geworden. Dat het vaak voorkomt wil absoluut niet zeggen dat het normaal is. Het is nu zelfs geaccepteerd dat, vanaf een bepaalde leeftijd, je ieder jaar een paar kilootjes aankomt, dat je ieder jaar een paar kleine klachtjes erbij krijgt.. tja, de leeftijd hè!

Inmiddels hoeven we maar om ons heen te kijken en we zien dat we onze omgeving aanpassen; kleren worden groter, stoelen worden groter, auto’s worden groter. Wie weet nog dat een Fiatje 500 een klein autootje was?

Fiat 500 2019

Naast de best passende voeding (waar we het vorige week al over gehad hebben), is er ook een best passende maaltijdfrequentie. Regulatie van de maaltijdfrequentie is een zeer complex gebeuren, afhankelijk van een aantal hormonen. Deze maaltijdfrequentie is onder andere afhankelijk van het hormoon leptine.

Leptine wordt vooral geproduceerd door wit vetweefsel, het signaleert de hoeveelheid opgeslagen vet. Hiermee signaleert leptine aan de hersenen: er is voldoende energie voor functies zoals groei en reproductie. Leptine wordt gemaakt door de adipocyten (vetcellen) na inname van voedsel maar ook door stimulatie van insuline (wat verhoogd is na inname van voedsel) en acetylcholine (een neurotransmitter, zeg maar een boodschapper stofje).

Leptine wordt dus geproduceerd op het moment dat er voldoende energie aanwezig is in je lichaam. Het is een hormoon wat toestemming kan geven om je verbranding te verhogen (zoals bij koorts, spieractiviteit etc.).

Om leptine goed te laten functioneren moeten er, naast voldoende leptine (de “zender”), ook voldoende leptine receptoren (de “ontvanger”) zijn.

De hoeveelheid receptoren voor leptine (maar ook voor andere hormonen en neurotransmitters) zijn mede afhankelijk van de hoeveelheid aanwezige leptine.

Kort gezegd: veel leptine: weinig receptoren en weinig leptine: veel receptoren. Dit is belangrijk, een langere tijd met verhoogde leptine productie leidt tot minder receptoren, je wordt minder gevoelig voor de stof zelf.

Wanneer je minder gevoelig bent leidt dat tot een slechtere signaalfunctie: hoewel er voldoende energie is, komt het signaal niet goed aan in de hersenen. Dit noemen we leptineresistentie. De hersenen trekken hieruit de conclusie: mogelijk is er te weinig energie: ETEN!

Iedereen weet natuurlijk dat dit ? dan niet de meest gezonde dingen zijn om te eten.

Maar wat gebeurt er nu in je lichaam als we zoiets eten? Om daar achter te komen willen we weten hoe het werkt.

Het eten van deze geraffineerde voedingsmiddelen veroorzaakt een piek van glucose. Onze alvleesklier moet dan met een maximale piek insuline reageren om de homeostase (het evenwicht) zo snel mogelijk te herstellen. Het kan in eerste instantie zeer gunstig lijken door het feit dat het snelle energie biedt, maar in werkelijkheid wordt het een zware belasting voor ons lichaam.

Deze grote piek van glucose kan niet volledig opgenomen worden door de cellen en dat is wanneer glucose omgezet wordt in visceraal vet (orgaanvet), vooral in de lever.

Dat overtollige glucose in vet omgezet wordt heeft een evolutionaire oorzaak: op deze manier kunnen we tijdens perioden van overvloed reserves aanmaken voor perioden van schaarste. Gezien de overvloed van vandaag, is deze evolutionair logische aanpassing verworden tot een gevaarlijke en zelfs dodelijke val. Ook nu we vijf keer per dag eten blijft het lichaam reserves aanleggen voor mindere tijden. Een toename van de opslag zorgt voor een toename van de productie van leptine. En zoals we gezien hebben, leidt dat tot een mindere verzadiging. Maar er zijn helemaal geen mindere tijden!

Zo lang we niet meer van schaarste hoeven proeven, blijft dit in essentie gezonde mechanisme een gevaar voor onze gezondheid.

Misschien is het dus handiger om minder vaak te eten, minder vaak een glucose – en insulinepiek te krijgen.

Na de pieken van glucose en insuline, die tussen het tweede en derde uur na de maaltijd optreden, treedt een verlaging van de bloedsuikerspiegel op die gekenmerkt wordt door het gevoel iets te moeten eten.

Deze verlaging vraagt om geraffineerde koolhydraten die in staat zijn onze “evolutionaire angst” voor een te lage bloedsuikerspiegel te kalmeren met een nieuwe glucosepiek.

Zoals er geen vreugde zonder verdriet bestaat, bestaat er ook geen gezonde trek zonder een voedingstekort. Met de ruime verkrijgbaarheid van goedkope energierijke voeding is het voor ons niet langer mogelijk deze gezonde trek te ontwikkelen. We zijn op deze manier overgeleverd aan de chemisch opgeroepen hongermomenten die worden veroorzaakt door de ongezonde stoffen in onze alledaagse voeding.

Vaak worden deze stoffen zelfs aan onze voeding toegevoegd om de consumptie ervan te verhogen. Hoe verkoop je anders meer ‘voeding’ aan een groep mensen die op energetisch vlak toch al oververzadigd is?

De ongezonde stoffen in geraffineerde voeding leiden tot de volgende problemen:

  • Het verstoort ons normale fysiologische honger-verzadigingsritme
  • We zijn niet langer in staat om het energie-evenwicht gedurende de hele dag te behouden, want er bestaat geen normale bloedsuikerspiegel regulatie meer.
  • We worden slachtoffer van snelle gewichtstoename, want wist je dat we voor elke gram glucose 2,6 gram water opslaan? Bij een normale, natuurlijke gewichtstoename zien we de spiermassa toenemen, terwijl gewichtstoename als gevolg van geraffineerde voeding ons doet opblazen.
  • Van de consumptie van geraffineerde koolhydraten raken we vol, maar deze voedingsstoffen bevatten weinig mineralen en vitaminen. Daarom worden ze ook wel ‘lege calorieën’ genoemd.

Deze problemen kunnen leiden tot de volgende klachten:

  • Acne                              
  • Buikvet
  • Concentratiestoornissen
  • Hang naar suiker/ zoet
  • Haaruitval
  • Huidpigmentatie
  • Hoge bloeddruk
  • Verlies van initiatief
  • Libidoverlies
  • Mannelijke lichamelijke beharing
  • Onrust
  • Angst
  • Overgewicht                     
  • Peesontstekingen
  • Slappe huid
  • Slijmbeursontstekingen
  • Stemmingswisselingen
  • Tenniselleboog
  • Verslagenheid en vermoeidheid
  • Vertraagde wondgenezing
  • Steel-wratjes
  • Onoplettendheid
  • Depressie
  • Overeten
  • Geen koorts bij infectie
  • Hoge maaltijdfrequentie
  • Koolhydraatbehoefte (ook ’s nachts)
  • Menstruatieklachten
  • Prikkelbaarheid
  • Te lage lichaamstemperatuur
  • Vaak koude handen en voeten
  • Voortdurend of frequent hongergevoel         
  • Slapeloosheid
  • Allergieën/ Voedselintoleranties

Hoe we nu praktisch hier iets aan kunnen doen?

Dat is weer voor de volgende blog: Time Restricted Feeding of intermittent vasten.

1 gedachte over “Je Energieopslag”

Plaats een reactie